Daarom viel het erg op dat de appelboom nog in een herfststemming bleef hangen. Slappe blaadjes, verkleuringen en gaten in de blaadjes.
Het werd al snel duidelijk toen ik dichterbij kwam.
Ik hoorde ze al zachtjes knagen en smakken. Mjomjomjom. O nee! Toch geen slakken!? Ik heb een haat liefde verhouding met die beestjes!
Maar nee, het waren talloze rupsjes! Ieniemienie bladvretertjes die langzaam maar gestaag alle blaadjes aan het oppeuzelen waren.
Ze begroetten me met een enthousiast: 'Halloooo!' Vrolijk zwaaiend met hun kronkelige lijfjes. Al keuvelend knaagden ze de bladeren met nerf en al weg!
'We dachten, kom! Laten we deze appelboom lekker inrichten. Beetje wollig spinragnestje, een paar duizend vriendjes en vriendinnetjes. Gezellig!'
Terwijl ik mopperend de rupsjes met de hand eruit plukte, klonk er gemeen gegniffel vanuit de rozenstruik.
Zouden daar dan die gemene slakken zitten? Met kloppend hart er naar toe.
Maar nee, geen slakken! Wel een paar miljoen bladluizen die dorstig de knoppen aan het leegdrinken waren. Als groene vampiers zogen ze het verse rozenwater op.
'Moet je straks eens kijken wat voor lullige verkreukelde rozen jullie krijgen!'
En maar lachen.
'Ja, ALS er nog rozen aankomen! Hahah!'
Misschien voel je het al aankomen....het is oorlog!! Dit is persoonlijk! Dit is tussen mij en jullie!
Wacht maar!!
En de slakken?
Nergens te bekennen!
Als ik ze goed inschat, zijn ze vast allemaal onderweg naar onze moestuin! De smiechten.

























